Home > Clubnieuws > Jelle Attema Koninklijk onderscheiden

Jelle Attema Koninklijk onderscheiden

Aan
ons bestuurslid Jelle Attema is op de 29ste april op het
gemeentehuis, in aanwezigheid van de naaste familie en enkele genodigden, door
burgemeester Mewe de versierselen uitgereikt die horen bij de Koninklijke
onderscheiding Lid, in de Orde van Oranje Nassau.
Na afloop was er in het
clubgebouw een receptie georganiseerd waar de leden van Hard-gaat-ie hem hebben
kunnen feliciteren.

De motivatie voor deze onderscheiding was als volgt:

Jelle Attema (geboren in de gemeente Wonseradeel op 26
februari 1946 als Jelle Sijbolt Attema) is opgegroeid op een
melkveehouderij/boerderij in Friesland. Hij was toen al een gedreven sporter,
voetbalde en schaatste toen al wedstrijden. Als 17 jarige jongen stond hij langs
de kant toen in 1963 de Elfstedenrijders langs kwamen. Hij was nog te jong om al
mee te mogen doen, maar hij werd meteen lid toen hij 18 werd en heeft in 1985,
1986 en 1997 de Elfstedentochten volbracht. Jelle was samen met zijn broer
voorbestemd om boer te worden op de boerderij van zijn ouders, maar ten gevolge
van de schaalvergroting in de landbouw was de boerderij te klein voor twee
gezinnen, waardoor Jelle naar een andere carrière heeft uitgekeken en bij de
politie in Landsmeer terecht kwam. Later werd hij rechercheur bij de Politie
Amsterdam-Amstelland, waar hij nog korte tijd zal werken voordat hij met
pensioen gaat.

Al gauw nadat Jelle en Gees Attema zich in Landsmeer hadden
gevestigd werd Jelle actief bij IJsclub Hard-gaat-ie. Naast het zelf actief
meedoen aan trainingen en wedstrijden was hij vanaf 1980 (dus nog steeds) de
drijvende kracht achter het jeugdschaatsen van de Landsmeerse jeugd op de Jaap
Edenbaan. Honderden Landsmeerse kinderen heeft hij het schaatsen bijgebracht en
als ze doorstroomden naar het wedstrijdschaatsen regelde en regelt hij weer
alles voor de groep wedstrijdschaatsers.

In 1978 richtte mevrouw Aafje Houwer de schaatstrainingsgroep
(STG) op, waarmee de ijsclubleden licentiehouder bij de KNSB konden worden en
wedstrijden konden rijden. Na het overlijden van mevrouw Houwer in 1989 heeft
Jelle ook die taak en verantwoordelijkheid op zich genomen. Van 1984 tot 1990 is
Jelle voorzitter van de IJsclub geweest. Daarna is hij zonder onderbreking
bestuurslid van de club geweest.

Bewonderenswaardig is zijn enorme inzet en dit gaat heel ver:
hij schrijft alle jeugdleden, recreatieschaatsers en wedstrijdrijders in en
zorgt dat ze abonnement en licentie krijgen, hij is officieel KNSB
wedstrijdstarter en staat in weer en wind om 7.00 uur ’s ochtends en ’s avonds
laat op de Jaap Eden baan en tijdens wedstrijden op de ijsbanen in Heerenveen,
Hoorn, Haarlem enz. Daarnaast regelt hij dat er trainers zijn, ook voor de
zomertraining.

Hij organiseert de feestelijke diploma uitreiking voor de
jeugdleden (en brengt naar alle pannenkoekbakkende moeders bakmeel op de fiets
door het dorp) en de jaarlijkse barbecue met de prijzen voor de wedstrijdrijders
na het schaatsseizoen. Verder tekent zijn Friese aanpakmentaliteit hem: voor de
jaarlijkse sloot- en slobrace maait hij als voormalig boer nog even de
wallenkanten met de zeis, maar regelt ook de prijzen met de inscripties en de
flessen shampoo die de deelnemers krijgen na afloop als ze onder de brandslang
staan.

Tijdens natuurijswinters neemt Jelle vrij van zijn werk en is
hij volledig in de ban van het ijs en de club: de landijsbaan moet klaar
gemaakt, sneeuwploegen ingezet, de kantine, mensen aan het loket,
voorbereidingen en stempelploegen regelen voor het geval dat de Waterland West
tocht verreden kan worden. De meeste natuurijswinters was het mogelijk
schoolschaatswedstrijden te organiseren waaraan alle leerlingen van de
basisscholen van Landsmeer kunnen deelnemen, maar ook een natuurijsmarathon of
korte baan wedstrijden staan dan op het programma en u begrijpt dat Jelle ook
hierbij niet alleen de motor maar ook meestal de uitvoerder van deze
clubactiviteiten is.

We kunnen stellen dat Jelle Attema een belangrijke bindende
factor is voor de clubleden, heel toegankelijk is en niets is te veel, maar we
realiseren ons dat dit ook ten koste van zijn gezinsleven moet zijn gegaan, zijn
liefde en inzet voor de club ging al die jaren wel heel ver.

Dankzij Jelle is IJsclub-hard-gaat-ie een florerende club met
actieve leden en diverse activiteiten waar vele dorpsbewoners van Landsmeer aan
deelnemen. Dankzij de inzet van Jelle levert Hard-gaat-ie een belangrijke
bijdrage aan de sportieve cohesie van het dorp, waarbij tijdens natuurijswinters
half Nederland naar Jelle belt of de ijsbaan in Landsmeer open is of dat de
Waterland West tocht verreden kan worden.

Verder is Jelle een betrokken persoon die begaan is met zijn
medemensen: hij bezoekt bv nog regelmatig de heer Geert Houwer, ooit een zeer
actief HGI lid, die in 1997 getroffen werd door een herseninfarct en sindsdien
in een verzorgingshuis in Almere woont. Leden van de ijsclub die door een
ongeval worden getroffen kunnen ook rekenen op een bloemetje en belangstelling
via Jelle.

Ten slotte merk ik op dat Jelle deze grote inzet heeft
gepleegd naast een full time baan als rechercheur bij de politie, waarbij hij
vaak dubbel (voor politie en club) inzetbaar moest zijn (piketdienst voor geval
er in Amsterdam een moord werd gepleegd). We herkenden Jelle Attema regelmatig
op de televisie in een witte overall als er een liquidatie in het criminele
circuit onderzocht moest worden. Jelle schijnt binnen de politie organisatie ook
een goede naam te hebben, maar hij is, net als voor Hard-gaat-ie, daar erg
bescheiden over.